Brabantbalie

Verslag Bestuurlijke vernieuwing met Thom de Graaf

Datum:   28 september 2004
Tijd:      20.00 – 22.00 uur
Locatie:  Popcentrum 013,
Veemarktstraat 44, Tilburg

Aanwezige sprekers:

1. Opening

Dhr. Engelfriet opent de debatavond en heet allen van harte welkom. In het debat van vanavond zal het actuele thema van de bestuurlijke vernieuwing ter discussie worden gesteld. Het gaat hier dan met name om de items van de gekozen burgemeester en de invoering van het nieuwe kiesstelsel. Helaas kan minister de Graaf zelf niet aanwezig zijn. Middels een videoboodschap laat minister de Graaf weten vanwege de Algemene Beschouwingen in de Tweede Kamer verhinderd te zijn.
Plaatsvervangend zijn aanwezig dhr. Van den Eijnden en dhr. Heijda, beiden werkzaam op het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Het programma ziet er als volgt uit:

2. Inleiding bestuurlijke vernieuwing

Dhr. Rombouts zal de plannen van het ministerie mbt tot de bestuurlijke vernieuwing in eenvoudige bewoordingen trachten toe te lichten:

Gekozen burgemeester

Door de bestuurlijke vernieuwing zullen burgers zowel een gemeenteraad als een burgemeester moeten gaan kiezen. Kandidaten voor het burgemeesterschap zullen zich van te voren moeten gaan profileren middels een partijprogramma. Indien de verkiezingen een gelijke stand opleveren gaan de twee kandidaten met de meeste stemmen door naar een volgende ronde, alwaar de beslissing valt. Daarnaast wijzigen de wettelijke bevoegdheden van de burgemeester. Na de verkiezingen is het de burgemeester die als formateur optreedt bij de samenstelling van de lokale coalitie. Hij kan hierbij partijen zoeken die aansluiten bij zijn programma en benoemt bovendien de wethouders. Na vier jaar kan de burgemeester worden afgerekend op zijn resultaten. De burgemeester blijft in deze vernieuwde situatie daarnaast verantwoordelijk voor de huidige taken van e burgemeester.

Kiesstelsel

Het nieuwe kiesstelsel gaat uit van een verdeling van Nederland in twintig districten. De achterliggende gedachte is om de betrokkenheid van de burger bij de politiek zo te vergroten. Per district kunnen zich twee tot vijf kandidaten kiesbaar stellen voor de Tweede Kamer. De Tweede Kamer zal voor de helft bestaan uit kandidaten van de landelijke kieslijst en voor de ander helft uit kandidaten die voortkomen uit de districten.

Dhr. Heijda licht desgevraagd toe dat het momenteel voor het volk onduidelijk is hoe de benoeming van een burgemeester in zijn werk gaat. Het nieuwe kiesstelsel wil dit punt verbeteren en de sollicitatieprocedure van een burgemeester helder laten verlopen. Burgers hebben zo meer invloed over de keuze van een burgemeester.

 

3. Debat: gekozen burgemeester

Dhr. Engelfriet stelt de twee debaters voor die in debat zullen gaan. Dhr. Lauwerier (tegenstander) neemt het op tegen dhr. Van Dorsselaer (voorstander).

De stelling luidt:

Dankzij de gekozen burgemeester zal de betrokkenheid van de burger bij de politiek toenemen.

Tegen:

Het politieke probleem bestaat heden ten dage uit het gebrek aan transparantie, daadkracht en openheid. Als reactie hierop stelt de overheid een structuurwijziging voor, waar een cultuurwijziging echter gevraagd is. Het grote probleem van een gekozen burgemeester is dat een krachtige burgemeester altijd gebonden zal blijven aan de uiteindelijke inspraak van de gemeenteraad.

Voor:

Het is vreemd dat anderen bepalen welke burgemeester geschikt is, zonder dat de meest belanghebbende partij, nl. de burgers hier invloed op hebben. De transparantie ontbreekt momenteel. Structuur kun je organiseren, terwijl de genoemde cultuurwijziging in een organisatie dient te groeien. Een gekozen burgemeester kan de kloof tussen politiek en burger weldegelijk verkleinen.

 

Tegen:

De nieuwe plannen, waarbij zowel de burgemeester als de gemeenteraad gekozen worden, houden in dat de burgemeester in het verkiezingsproces beloftes zal doen, terwijl de gemeenteraad de uiteindelijke beslissingen zal nemen.

Voor:

Een goed debat tussen de raad en burgemeester zal de democratische vertegenwoordiging verstevigen. Een gekozen burgemeester biedt hierin meer mogelijkheden doordat er een betere afspiegeling van de lokale politiek is.

Meningen en opmerkingen vanuit het publiek:

Twee verkiezingsrondes om tot een uiteindelijke burgemeester te komen kost alleen maar onnodig veel geld. Daarnaast zijn de promotionele activiteiten die kandidaten zullen moeten ontplooien, zonde van de tijd.

Welk probleem lost een gekozen burgemeester op?

Benadrukt wordt dat de bezwaren die de huidige situatie blijkbaar veroorzaken, ook kunnen worden opgelost door het takenpakket van de burgemeester te wijzigen. Er wordt gesteld dat de huidige situatie niet transparant is, terwijl er wel altijd kwalitatief goede burgemeesters aangesteld worden.

De burgemeester van Haaren vraagt zich af welk probleem de aanleiding vormt voor het gekozen burgemeesterschap. Het probleem dient eerder gezocht te worden in de onherkenbaarheid van politici en de lage betrokkenheid van burgers bij de politiek. De verbindende rol van de burgemeester is belangrijker dan een versteviging van zijn machtspositie. Het debat, dient ook in het kader van het dualisme gevoerd te worden; echter tussen de politieke partijen en niet met de burgemeester.

Uit onderzoek blijkt dat het volk graag een gekozen burgemeester wil. De burgemeester kan nu niet daadkrachtig optreden. Het is vreemd dat burgers geen invloed hebben op de keuze van de burgemeester.

Om de burgemeester herkenbaarder te maken en het democratische gat te verkleinen wordt voorgesteld om de gemeenteraad af te schaffen.

Om de transparantie te verbeteren zal het verkiesbaar stellen van de burgemeester betekenen dat deze zich zal moeten profileren. De vraag is of burgers daardoor echter eerder naar de stembus gaan.

Waarom kiest de gemeenteraad de burgemeester niet?

Er ontstaat een ingewikkelde en ondoorzichtige situatie indien de verkiezingen voor de gemeenteraad als ook het burgemeesterschap tegelijk zullen plaatsvinden.

Reacties:

Dhr. Van den Eijnden merkt op dat het niet wenselijk is om een krachtige burgemeester en raad te hebben. De burgemeester dient boven de partijen te staan, terwijl deze toch het vertrouwen van de raadsleden geniet.

Men wil een krachtige burgemeester en een transparanter verkiezingsproces. Hoe kan dit echter gerealiseerd worden als een kandidaat een dergelijke positie kan kopen of kan verkrijgen door het zijn van een bekende persoon?

Dhr. Van der Eijnden merkt op dat het noodzakelijk is om voorwaarden te stellen aan het vermogen dat een kandidaat ter beschikking mag stellen. Daarnaast zullen burgers toch een capabele burgemeester willen hebben en derhalve hier doorgaans ook voor kiezen.

4. Debat: districtenstelsel

De tweede bestuurlijke vernieuwing, nl. de invoering van het districtenstelsel zal aan de orde worden gesteld middels de stelling:

Dankzij het districtenstelsel zal de betrokkenheid van de burger bij de politiek toenemen.

Dhr. Visser (tegenstander) en dhr. Boxhoorn (voorstander) gaan het debat aan.

Voor:

De vernieuwing in de vorm van het kiesstelsel heeft als doel om de betrokkenheid van de burger te verhogen. Zowel op landelijke als op regionale schaal wordt zo getracht om de politiek meer herkenbaarheid te geven, beïnvloedbaar te maken en kiezers gemotiveerd te krijgen. Momenteel gaan keizers niet naar de stembus omdat ze de lijsttrekkers slechts kennen van televisiebeelden. Het gemis aan daadwerkelijk contact draagt bij aan de lage betrokkenheid van de kiezers. Het kiesstelsel dient in deze context een positieve impuls aan de democratie te geven.

Tegen:

De lage betrokkenheid van de kiezers kan niet opgelost worden door het presenteren van een ander kiesstelsel, echter wel door het voeren van interessante debatten. Een kiesstelsel is een ouderwetse oplossing die in de huidige informatietechnologie gerichte tijd achterhaald is. Nieuwe technieken maken informatie veel toegankelijker. Daarnaast is een nieuw kiesstelsel een te ingewikkeld proces. Een ander gevolg van het voorgestelde kiesstelsel is het in de hand werken van ‘dorpcisme’ , waarbij vertegenwoordigers zich beperken tot inzet voor hun eigen district ipv landelijk te opereren.

Voor:

Een ouderwetse gedachte is niet per definitie een verkeerde. Het samen met elkaar eens worden betekend dat er overleg gevoerd moet worden tussen burgers en politici. Dit is niet altijd gemakkelijk, maar wel de bedoeling van een democratische samenleving. Politici dienen meer contact met de burgers te hebben. Een lijsttrekker kan dit niet alleen, maar wel met behulp van meerdere vertegenwoordigers in het nieuwe kiesstelsel.

Tegen:

De herkenbaarheid wordt bepaald op basis van landelijke peilingen waardoor het kiesstelsel hier geen invloed op heeft. Daarnaast zal de beïnvloedbaarheid van de politiek als ook een hogere motivatie onder de kiezers niet het resultaat zijn van het kiesstelsel.

Reacties:

Hoe gaat het stemproces eruit zien?

Kiezers kunnen stemmen op zowel een landelijke- als een districtlijst en hebben dus twee stemmen. Beide lijsten worden door de politieke partijen samengesteld, waardoor alle kandidaten op basis van hetzelfde landelijke partijprogramma zijn geselecteerd. Politici worden zo meer zichtbaar in hun eigen district.

Waarom kunnen de politieke partijen zelf niet zorgen voor een grotere herkenbaarheid?

Antw. dhr. Heijda: In het huidige kiessysteem kan slecht op één persoon worden gestemd waardoor het moeilijk is om de band met alle kiezers te verstevigen. Het nieuwe systeem houdt in dat je op een landelijke partij kunt stemmen en daarnaast nog eens op een lokale afgevaardigde.

Er wordt teveel nadruk gelegd op het belang van de persoonlijke bekendheid van politici. Kiezers dienen een duidelijk beeld te krijgen waar de partij voor staat en waar men terecht kan.

Gesteld wordt dat regionale kandidaten de regionale problemen niet aan de orde stellen en zich toch richten op landelijke problemen.

Verandert de machtsstructuur door het nieuwe kiesstelsel?

Antw. dhr. Heijda: de eerste stem is bepalend voor de samenstelling van de Tweede Kamer, terwijl de tweede stem bedoeld is voor een districtskandidaat. De stem op de districtkandidaat kan dus verloren gaan, echter de keuze voor de politieke partij wordt niet aangetast.

Is het niet te laat om de mening van de burger te vragen op het moment dat het voorstel van het kiesstelsel al finaal is?

Dhr. Boxhoorn (voorstander) stelt aan dat de vernieuwing van het kiesstelsel te technisch wordt uitgelegd en dat vooral de reden waarom een dergelijk stelsel nodig is, benadrukt moeten worden. Wat kan dit systeem verbeteren?

Conclusie:

Dhr. Heijda geeft aan dat deze avond duidelijk heeft gemaakt dat de presentatie omtrent het kiesstelsel beter kan. Daarnaast zijn er een aantal opmerking gemaakt die bij het definitieve voorstel nader bekeken dienen te worden.

5. Voorbeeld gemeente Haaren

Dhr. Ronnes (Burgemeester Haaren) licht een voorbeeld toe dat in de gemeente Haaren gehanteerd is om de communicatie naar de bewoners te verbeteren. In de vorm van een ´huiskamer gesprek`, werd de politieke besluitvorming uitgelegd om meer begrip en inzicht te kweken. Burgers werden willekeurig uitgenodigd om te spreken over actuele thema´s. De bijeenkomsten bestonden uit maximaal 8 personen en er werd geen verslag gemaakt. Het uitleggen van de argumenten betreffende bepaalde besluitvorming had als resultaat dat men meer begrip voor bepaalde besluiten had en de betrokkenheid toenam. Deze wijze van werken is echter zeer arbeidsintensief, waardoor besloten is om vervolgbijeenkomsten met grotere groepen op het gemeentehuis te laten plaatsvinden.

In reactie op het voorgestelde kiesstelsel geeft dhr. Ronnes aan dat het voordeel in de huidige situatie is dat de burgemeester niet belast is met een eigen programma. De politieke afrekening vindt plaats met de politiekbestuurders en niet met de burgemeester.

Vervolgens wordt er nagedacht over hoe de betrokkenheid onder burgers verbeterd kan worden. Enkele suggesties die genoemd worden:

6. Epiloog dhr. Van Roermund

Dhr. Van Roermund stelt dat deze bijeenkomst veel praktische informatie heeft opgeleverd. Vervolgens vindt een beschouwing plaats van de discussie die deze bijeenkomst heeft opgeleverd.

Het eerste onderwerp, nl. dat van het gekozen burgemeesterschap tracht via het verkiesbaar stellen van een dergelijk positie de betrokkenheid bij de burger te stimuleren. Vanuit de sociale psychologie dient men zich echter de vraag te stellen of een toename in vertrouwen niet leidt tot een daling van de betrokkenheid. Democratie kan gedefinieerd worden als het organiseren van wantrouwen, wat het blijven controleren en meten van vertrouwen belangrijk maakt.

Inhakend op een nieuw kiesstelsel geeft dhr. Van Roermund aan, dat het niet ideaal is om een directe democratie zoveel mogelijk te willen benaderen. Door bemoeienis van iedereen zal een dergelijk systeem niet werken. In het belang van de democratie dient er een bepaalde kloof tussen burgers en overheid te bestaan. Als voorbeeld wordt de discussie aangehaald die ontstond naar aanleiding van het Berlijnse Rijksdagmonument in maart 2000. De vraag die hier centraal stond is: wie dient dit monument te vertegenwoordigen?

6. Sluiting

Dhr. Engelfriet bedankt alle sprekers en toehoorders voor hun aanwezigheid.

Meer informatie over toekomstige debatten is beschikbaar op www.brabantbalie.nl.

Het volgende debat zal plaatsvinden op dinsdag 30 november en heeft als thema: Debat normen en waarden: de veilige stad.

Tilburg, 18 oktober 2004

Contact

BrabantBalie
Postbus 996
5000 AZ Tilburg
Mail
Tel. 06 13 66 17 55

Debat in de maak