Verslag debat 'De Staat van onze democratie'

31 januari 2007 Verkadefabriek, 's-Hertogenbosch

Minister Johan Remkes opent zijn verhaal met de mededeling dat Nederland er goed voor staat. We hebben al lang vrije verkiezingen en persvrijheid én we wonen in een van de meest democratische landen. En toch wordt er veel geklaagd, zijn veel burgers ontevreden, is er weinig respect voor de politiek en veel dedain in de media ten aanzien van die politiek. De overheid stopt veel energie in het tot elkaar brengen van burger en politiek. In Den Haag zit je in de Bestuurlijke Drukte, thuis noem ik dat bestuurlijke spaghetti.

Vanavond gaat het onder andere over die bestuurlijke drukte. Als voorbeeld haalt Remkes een gezin aan dat problemen heeft. Daar worden uiteindelijk 21 instanties tegenaan gezet als aanpak van het probleem. Een illustratie van hoe ver we zijn afgeraakt van essenties en verstrikt zijn geraakt in onze eigen organisatorische drukte.
Daarnaast hecht Remkes aan autonomie van lokale overheden, aan overleg en coördinatie. Draagvlak van besluitvorming moet immers groot zijn, maar ook moet voorkomen worden dat problemen worden ondergesneeuwd. Er moeten wel knopen kunnen worden doorgehakt en duidelijk zijn wie dat doet. Remkes pleit in dat kader voor vereenvoudiging van die bestuurlijke drukte. Hij vraagt zich serieus af of het aantal bestuurders en volksvertegenwoordigers wel nodig zijn. Een gevolg hiervan is een woud aan bestuurlijke vormen. Kan het niet eenvoudiger en daadkrachtiger? Wat dat betreft kan Remkes zich goed vinden in het advies van de commissie Kok aangaande het samengaan van de Randstadprovincies. Minder bestuurlijke drukte en gemeenten als kern van openbaar bestuur. Voor democratische legitimatie moet een gemeente uit minimaal 20.000 tot 50.000 inwoners bestaan.
Hierbij moeten we ons wel afvragen hoe bijvoorbeeld toezicht is geregeld. Voor de hand liggend punt hierbij is "common sence'. Dat is echter voor de politiek vanzelfsprekend, voor burgers niet. Heldere en overzichtelijke procedures zijn hierbij onontbeerlijk.
Kort samengevat vindt Remkes dat de democratie gebaat is bij minder bestuurlijke drukte.

Frank Hendriks, hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit van Tilburg, zet zijn focus vooral op het fenomeen van de bestuurlijke drukte.
De plannen van Kok met de randstadprovincies houden een grote bestuurlijke reorganisatie in. Het zijn ook plannen voor een grootscheepse verandering van het middenbestuur. De geschiedenis leert dat deze plannen over het algemeen mislukken. Ze kosten veel tijd, energie en geld. De bestuurlijke complexiteit en uitvoering zijn niet te combineren. Hendriks verwijst hierbij naar zijn boek "Vitale democratie'.
Als voorbeeld haalt hij de - enigszins vergelijkbare situatie in - Los Angeles aan. De omvang is vergelijkbaar met de Randstad, het verschil zit "m in de bestuurlijke drukte. Die is in Los Angeles minder. In bestuurseenheden vergelijkend is die in de Randstad 10 x zo groot. Hendriks is van mening dat je best bestuurlijke complexiteit kunt hebben zonder bestuurlijke drukte. In Los Angeles spreekt men van "the invisible hand'; de markt zorgt voor de vanzelfsprekendheid der dingen. Wij in Nederland zouden hiervoor minder tolerant moeten zijn en vertrouwen op de markt.
In Nederland zeggen we "leiderschap is goed bij de buren', wij willen zeggenschap en invloed. De nieuwe Randstad zal dit denken niet doorbreken. De bestuurlijke strijd zal hiermee scherper worden.
De plannen van Kok zou zelfs territoriumpolitiek kunnen uitlokken à la de Vlamingen, Catalanen en Schotten. Tot nog toe was men in Europa jaloers op ons, omdat dit bij ons niet speelt.

Ivo Kortman, burgemeester van Oisterwijk, constateert een contradictie tussen de bestuurlijke drukte en de politieke wil om de burger te betrekken bij het bestuur. De bestuurder kent de burger niet meer en vise versa. De burger voelt zich in de steek gelaten. Door de bestuurlijke verschuivingen van "Den Haag' naar de gemeenten worden deze laatste gedwongen om steeds meer samen te werken. Dit echter vooral op gebieden die de burger niet aangaan. Gevolg is bestuurlijke drukte en vergroting van afstand tussen bestuur en burger. En wat doet Kok? Hij stelt schaalvergroting voor en daarmee weer vergroting van de afstand tussen burger en bestuur. We zouden in Nederland meer gebaat zijn de "Franse oplossing'; eigen overzichtelijk takenpakket voor kleinere gemeenten, inzichtelijk voor de burger en daarnaast de grotere gemeenten voor de grote vorm. De regio's c.q. provincies zouden kleiner kunnen maar meer bevoegdheden moeten hebben.

Ruud Vreeman, burgemeester van Tilburg, geeft aan nog nooit betrapt te zijn op uitspraken over bestuurlijke vernieuwing. Het gaat daarbij altijd over groter versus kleiner. Dat houdt hem niet zo bezig. Mij houdt wel bezig wat mensen nu eigenlijk interessante democratische processen vinden. Volgens mij zijn dat twee dingen.
Het moet altijd ergens over gaan en mensen moeten gehoord worden. Daarbij zijn drie zaken belangrijk. Op de eerste plaats moet een overheid kunnen optreden; licence to act. Dit stimuleert ook het gevoel van democratie. Ten tweede moet energie die uit burgers komt beloond worden en tot slot moet de "actie stofkam' op de regelgeving losgelaten worden. Hierbij moet telkens de vraag gesteld worden wat redelijk is voor burgers.

Een eerste reactie uit de zaal op het voorgaande stelt of we helemaal niets hebben geleerd uit het verleden. Als voorbeeld wordt genoemd de schaalvergroting van scholen. Gevolg hiervan is dat leerlingen anonimiseren en uiteindelijke een groot aantal ontsporen.

Een ander maakt zich zorgen over het gemak waarmee analyses gemaakt worden, waar vervolgens weer nieuwe plannen en structuren op gemaakt worden en verondersteld wordt dat daarmee zaken opgelost zijn. Neem het besluit over de A4. Moet dat straks door het rijk, de provincie of een of meerdere gemeentes genomen worden?
Vanuit de zaal wordt beaamd dat de "actie stofkam' inderdaad door bestuurlijk Nederland gehaald moet worden; "oud hout' moet verwijderd worden.

Hendriks: schaalvergroting (Randstad) vergroot de democratie niet. Het is namelijk een misverstand te denken dat de bijvoorbeeld een minister van VROM besluitvorming aan de provincie zal overlaten.
Remkes geeft aan dat hij geen grootschaligheiddenker is.
We moeten in het geval "Randstad' wel beseffen dat de commissie Kok is gekozen omdat de CdK's erom vroegen aan het ministerie van BiZa. En verder kan de schaalvergroting in ogen juist in de Randstad wel omdat de identiteit er wezenlijk anders is. De provinciale gebondenheid of identificatie die je duidelijk in een provincie als Noord-Brabant wel ziet vind je vrijwel niet in de Randstadprovincies.
De zaal geeft aan dat de verschillende bestuurslagen bij hun leest moeten blijven.. Dat geldt voor zowel de gemeenten, de Provincies als het Rijk. Duidelijker taakafspraken tussen de bestuurslagen is nodig. Als je naar beneden gaat kom je dan ook dichter bij de burger? Veel van de veranderingen "overkomen' de burger. Hij kan niet alles bijhouden en toch wordt dat verwacht. Neem het beleid t.a.v. de Sinti en Roma gemeenschap in Nederland. Dat is steeds meer gedecentraliseerd en uiteindelijk heeft dat negatieve gevolgen voor deze gemeenschappen. De overheid moet zich scherper afvragen wat er centraal geregeld moet blijven en wat gedecentraliseerd kan worden.

Remkes vraagt zich verder af of je in 2007, met zijn digitale wegennet, nog wel kunt vasthouden aan oude bestuursstructuren. We hebben in Nederland geen hiërarchieke indeling. Ik ben ook geen voorstander van bedrijfsmatig organiseren en leiden van Nederland.
Het concept van Brabantstad wordt als alternatief genoemd: een coalitieconcept en netwerk is eenvoudiger en moderner. Hiërarchieën zijn in de regel weinig dynamisch.
Opgemerkt wordt dat onze democratie ook last heeft van volksvertegenwoordigers die meer bezig zijn met belangenbehartiging dan met belangenafweging; profilering van zichzelf ten koste van de bestuurder hindert de slagkracht en effectiviteit van besturen. De oplossing moet niet te snel gezocht worden in nieuwe structuren, het gaat soms meer om houding en cultuur.
Uit de zaal komt de opmerking dat de bestuurlijke beslissingen die mij het meest treffen het slechtste te volgen zijn: de gemeente staat dichterbij de burger wordt in de praktijk vaak anders beleefd.

De avond is samen te vatten in 3 boodschappen:
1. Bezint eer ge begint. Denk er daarbij aan dat het oplossen van structuurproblemen niet altijd structurele oplossingen zijn.
2. Flexibiliteit is belangrijk in samenwerkingsverbanden. Praktisch zijn en niet dogmatisch.
3. Bij de Staat van Onze Democratie gaat het ook om de kwaliteit ervan. Hoe gaan we als bestuur hiermee om. Creëren van draagvlak hierbij is ook verantwoordelijkheid van volksvertegenwoordigers.

Tilburg, Januari 2007

Contact

BrabantBalie
Postbus 996
5000 AZ Tilburg
Mail
Tel. 06 13 66 17 55

Debat in de maak