Zoek het zelf maar uit!
Verslag van het vierde debat 'Zoek het zelf maar uit!' - over zelfhulp en de poortwachters van de zorg; welke kansen zijn er om de eerstelijnszorg verder te openen voor zelfhulp? - op 1 april 2009 in het Van Abbemuseum in Eindhoven.
Zelfhulp en eerstelijnszorg: onwennigheid overheerst
Het debat over zelfhulp en eerstelijnszorg - de laatste in een reeks van vier over het spanningsveld en de relatie tussen zelfhulp en de Wet maatschappelijke ontwikkeling (Wmo) - kende een wat tweeslachtige afsluiting. Vier debatten leverden veel kennis en toekomstperspectief op. Maar ook werd er afscheid genomen van Joke de Haas, coördinator van de Stichting Zelfhulp Netwerk Zuidoost-Brabant. Mariet Paes, voorzitter van het Kenniscentrum Zelfhulp en Ervaringsdeskundigheid (KZE) zette de 'Moeder van de Zelfhulp' feestelijk in de bloemen en bood De Haas een kunstwerk aan. De Haas stopt met haar werkzaamheden voor het KZE en laat daarmee volgens Paes een grote leegte achter.
Als drijvende kracht achter het succesvolle Zelfhulp Netwerk Zuidoost-Brabant verrichte De Haas eerder op de avond de aftrap voor het debat over hoe zelfhulp eerstelijnszorg nader tot elkaar zouden kunnen komen. 'Zuidoost-Brabant' geldt als een zeer succesvol zelfhulpnetwerk met tussen de 3000 en 4000 leden, verdeeld over 57 zelfhulpgroepen. "Het met elkaar een beetje leefbaar maken en het plezier in het leven terugvinden, dát is ons doel. We willen niet blijven hangen in zeur- en treurverhalen", schetste De Haas misschien wel als de belangrijkste factor achter het succes.
'Zelfhulp en huisartsen moeten elkaar versterken'
Een succes dat zeker niet tot hoogmoed bij Zuidoost-Brabant heeft geleid. "Zelfhulp moet niet de pretentie hebben dat het de zorg van de toekomst is. Wij tornen ook absoluut niet aan de deskundigheid in de eerstelijnszorg. Waar we wèl voor pleiten is dat zelfhulp en huisartsen veel meer zouden moeten samenwerken en elkaar dienen te versterken", aldus De Haas.
In Eindhoven komt het steeds meer tot een kruisbestuiving tussen zelfhulp en de professionals uit de eerstelijnszorg. Zo benaderde men met steun van het CZ-fonds de Stichting Gezondheidscentra Eindhoven (SGE) om zelfhulp wat meer op de kaart te zetten bij de eerstelijnszorg. Ook de huisartsenkring en individuele huisartsen worden steeds beter bereikt. Als voorbeeld noemt De Haas de Zelfhulpkrant die tegenwoordig bij de huisartsenposten in de wachtkamer ligt. "Die neem je toch makkelijker mee dan een folder waar heel groot A.A. op staat."
Het zijn kleine stappen voorwaarts in de wederzijdse toenadering. Elkaar informeren, het vertrouwen winnen en de vooroordelen weghalen, dáár valt volgens Wim Venhuis nog veel winst te behalen. Als 'zelfhulper' met een manisch-depressieve achtergrond is Venhuis zeer actief als voorlichter vanuit zelfhulp richting de eerstelijnszorg in Eindhoven. "Omdat ik uit eigen ervaring weet dat zelfhulp werkt, ben ik dit werk gaan doen. De eerstelijn moet weten dat zelfhulp bestaat. Veel huisartsen weten nauwelijks van zelfhulp af. Het zou mooi zijn als we op termijn in alle databases van de eerstelijnszorg zouden zitten."
Venhuis is nauw betrokken bij het pilotproject waarbij de SGE wordt voorgelicht over zelfhulp. Gewapend met powerpointpresentaties, filmpjes, de Zelfhulpkrant en overzichtslijsten van zelfhulpgroepen is het charme- offensief ingezet. Niet zonder resultaat, want inmiddels heeft zelfhulp een vaste plaats op de site van de SGE gekregen, wordt de Zelfhulpkrant er verspreid, bestaat er een nieuwsbrief voor patiënten en verschijnt er info over zelfhulp op de beeldschermen in de wachtkamers. Bovendien heeft het overleg met de SGE een structureel karakter gekregen. Sinds vorig jaar is er zelfs een bijscholing voor huisartsen over het thema zelfhulp.
'Het eigen verhaal over zelfhulp maakt de meeste indruk'
In het Van Abbe, waar zo'n vijftig mensen zich voor het debat hebben gemeld, ontspint zich vervolgens een discussie over waar de schoen nog wringt, vooral waar het gaat over het contact en de informatie-uitwisseling tussen zelfhulp en eerstelijnszorg. Uit eigen ervaring weet Venhuis dat de eerstelijnszorg behoorlijk openstaat voor benadering vanuit de zelfhulp. "Terwijl vooraf werd gezegd dat huisartsen een moeilijk bereikbare doelgroep zouden zijn. Maar het tegendeel bleek waar: binnen een paar maanden hadden we de helft van de artsen bij de SGE gesproken." Opvallend daarbij was dat, alle mediahulpmiddelen ten spijt, Venhuis juist de meeste indruk maakte met het vertellen van zijn eigen verhaal.
Ed Berends, een bij de SGE aangesloten Eindhovense huisarts, herkent zich in het relaas van Venhuis. "Een krantje rondsturen, om het maar badinerend te zeggen, werkt niet echt. De zelfhulper heeft zelf toch ook vaak contact met de huisarts? Doe dáár dan ook je persoonlijke verhaal. Daarmee breng je het dichterbij. Overigens sta ik niet huiverig tegenover zelfhulp, maar als huisarts draag je toch de zorg als je iemand ergens naar doorverwijst. Daar moet je voorzichtig mee omgaan."
Uit de zaal: "Vragen patiënten die bij u komen dan zelf nooit of er mogelijkheden tot lotgenotencontact zijn?"
Berends: "Dat heb ik nog nooit meegemaakt. Maar je moet het omdraaien: nu ik van zelfhulp op de hoogte ben kan ik er ook beter naar doorverwijzen."
Venhuis: "Ik snap dat huisartsen hun patiënten niet zomaar uit handen geven. Ze waken over de gezondheid van de patiënt. Als er van zelfhulp het beeld bestaat dat het een klagende club van mensen is met zelfmedelijden, is het aan de zelfhulp om dat beeld bij te stellen. En dat doen we ook: Zelfhulpers willen immers zelf ook vooruit in het leven.
Op de vraag vanuit de zaal of zelfhulp en eerstelijnszorg niet te gescheiden van elkaar bestaan en meer complementair aan elkaar zouden moeten zijn, reageert Berends behoudend. "Ik vind niet dat wij ten opzichte van zelfhulp een brengplicht hebben, dat gaat mij te ver.
Dan kunnen we de helft van de huisartsenpraktijken wel sluiten! Wel geloof ik erin dat zelfhulp steeds nadrukkelijker een rol kan gaan spelen in de zorg. Dat moet de eerstelijnszorg natuurlijk onderkennen."
'Zelfhulp vergroot de drijfkracht van de kurk in de zorg'
Een dergelijke ontwikkeling constateert ook Joël Gijzen, directeur Zorg CZ. "Vanuit onze zorgplicht is er ook een CZ-fonds opgericht ter ondersteuning van de informele zorg zoals zelfhulp. Informele zorg vergroot de drijfkracht van de kurk in de zorgsector. Het kan voorkomen dat er te veel een beroep wordt gedaan op professionele zorg. En die staat toch al onder druk door maatschappelijke ontwikkelingen als de vergrijzing en de huidige kredietcrisis. Alleen al uit financieel oogpunt vind ik daarom dat we open moeten staan voor de positieve krachten van zelfhulp."
"De middelen worden steeds schaarser. Dan is het niet zo gek om ook in te zetten op zelfhulp", erkent Marion Gherbaz, sectorhoofd Mens & Maatschappij bij de gemeente Eindhoven. De stad is van plan om eind 2009 een internationaal congres te houden over zelfhulp en ziet in het openstellen van de eerstelijnszorg voor zelfhulp een "prima middel om zelfhulp meer onder de aandacht te brengen en de participatie van mensen te bevorderen via lotgenotencontact." Hetgeen Berends er tijdens de paneldiscussie toe verleidt om een lichte sneer richting de gemeente uit te delen. "Wat doet de gemeente Eindhoven eigenlijk zélf om zelfhulp op de kaart te zetten? Wat staat er op de gemeentepagina's van Groot Eindhoven over zelfhulp? Niet zo heel veel, volgens mij. De bal mag niet alleen bij de eerstelijnszorg liggen!"
Joke de Haas reageert nuchter op de discussie: "We kunnen het wel over promotie van zelfhulp hebben, maar de realiteit is ook dat we een eventuele massale toeloop nog niet eens aan zouden kunnen. En met een wachtlijst van een half jaar schiet het natuurlijk ook niet op..." Waarna vanuit de zaal de suggestie wordt gedaan de regulering hiervan eventueel bij de zorgverzekeraar te leggen.
Zelfhulp en eerstelijnszorg schurken, zo blijkt op de avond in het Van Abbemuseum, nog altijd wat onwennig tegen elkaar aan. De intentie om samen te werken is er, maar over de juiste invulling bestaan twijfels. Een docent van de opleiding Sociale Studies van de Fontys Hogeschool verwoordt het tot hilariteit van de zaal als volgt: "Wij leiden onze studenten op tot professionele kracht in de zorg. Hoe moeten we ze dan leren door te verwijzen naar zelfhulp? Dat is voor hen een behoorlijke schok hoor..."
Zelfhulp verankeren in zorgnetwerk
De oplossing voor al het ongemak zou wel eens kunnen liggen in het verder versterken van het netwerk van alle bij de zorg betrokken instanties. Zo ontstaan er meer informele contacten en kortere lijnen waarbij zelfhulp langzaam maar zeker verankerd raakt in de ketenzorg. Dat zou vooral een goede zaak zijn voor de kleinere gemeenten, waar het belang van informele zorg alleen maar blijft toenemen, zo verklaart een vertegenwoordiger van de gemeente Cranendonck vanuit de zaal.
Voorwaarde is dan wel dat zelfhulp zich blijft profileren en blijft zorgen voor een goede voorlichting richting eerstelijnszorg, zo luidt de algemene opinie op deze avond in het Van Abbemuseum. De Haas: "Hoopgevend in dit verband is dat er vanuit zelfhulp steeds meer mensen zijn die wel een rol als voorlichter willen hebben. Hoe we dat financieel doen? Ach, zo links en rechts zijn daar wel wat potjes voor te vinden..."
Round-up: schat van Brabant is blootgelegd
Tijd voor een round-up van de door KZE en BrabantBalie georganiseerde debattenreeks. Mariet Paes maakt allereerst de balans op van de avond in het Van Abbemuseum: "Duidelijk is dat in de zorg niet alles op het bordje van één instantie kan worden gelegd; iedereen vervult een eigen rol. Om meer begrip voor zelfhulp te kweken bij de eerstelijnszorg blijken de persoonlijke verhalen erg belangrijk te zijn. Die verhalen zeggen vaak meer dan cijfermatige informatie. Het kan een belangrijk instrument zijn om nader tot elkaar te komen."
Zelfhulp is, zegt Paes, door de debattenreeks sowieso wat nadrukkelijker op de agenda komen te staan. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) roept weliswaar op tot ondersteuning en deelname aan de samenleving van kwetsbare groepen, maar zelfhulp wordt daarbij niet genoemd. Het eerste debat in Zevenbergen zorgde er in ieder geval voor dat enkele gemeenten in dat opzicht meer hun verantwoordelijkheid gaan nemen. Ook bij het tweede debat, in Tilburg, zegde men van gemeentewege steun toe en komen er nieuwe kansen voor het steunpunt Zelfhulp. In Boxtel trok men tijdens het derde debat zelfs letterlijk grensoverschrijdende conclusies: zelfhulp en lotgenotencontact mogen niet gebonden zijn aan gebiedsgrenzen. "En de schotten tussen de gemeenten in Noordoost-Brabant om zelfhulp te faciliteren zijn gelukkig van tafel” zegt Paes.
Paes zegde toe dat de vier debatten nog een vervolg zullen krijgen. "Maar we hebben al veel gewonnen. Het belangrijkste is dat we alleen al door
deze debatten ontzettend veel hebben bijgeleerd over zelfhulp. Er is enorm
veel kennis over zelfhulp uitgewisseld.
De schat van Brabant is blootgelegd."
Opdrachtgever: Kenniscentrum Zelfhulp en Ervaringsdeskundigheid.
Organisatie: BrabantBalie
Verslag: Leon van Eijndhoven